Intersectioneel feminisme: waarom een 'global sisterhood' op sociale media problematisch is


Onlangs verdiepte ik me, voor een vak aan de universiteit, in de zogenaamde 'global sisterhood' (= globale zusterschap) op online platforms. Slogans zoals 'sisterhood gives strength' en 'girls support girls' (Payne, 2012) zie je regelmatig op sociale media verschijnen, samengaand met feministische illustraties, collages en foto's. Dit zorgt allemaal voor een gevoel van eenheid en verbondenheid. Deze 'zusterschap' creëert solidariteit onder vrouwen en zorgt voor een gezamenlijk doel voor feministische activisten online. Maar kunnen we eigenlijk wel spreken van een digitale global sisterhood

bell hooks, professor en feministe, is van mening dat een 'zusterschap' nogal problematisch is. Volgens haar is dit idee ontstaan door vrouwen onder het mom van gemeenschappelijke onderdrukking door het patriarchaat (= mannelijke dominantie, zie hier). Maar het waren in wezen  voornamelijk witte vrouwen van de burgerlijke stand die pleitten voor het idee van een gemeenschappelijke onderdrukking. Hierbij werd ervan uitgegaan dat deze groep vrouwen homogeen is, en werd er dus geen aandacht besteed aan de complexiteit van de vrouw. Los van het feit dat vrouwen hun gender als het ware 'delen', zijn er namelijk andere aspecten van hun identiteit die enorm verschillen; bijvoorbeeld hun ras, klasse, cultuur, privileges, enzovoort. Doordat het nog steeds voornamelijke witte vrouwen zijn die strijden voor deze onderdrukking, worden de ervaringen van bijvoorbeeld zwarte vrouwen over het hoofd gezien.

Daarom is het belangrijk om te erkennen dat feministische activisten divers zijn, waarbij intersectionaliteit een grote rol speelt. Intersectionaliteit (bedacht door Kimberlé Crenshaw) kijkt naar de interactie van verschillende aspecten van iemands identiteit, zoals gender, ras en klasse, en hoe deze aspecten het leven vormen van een individu. Ook op sociale media zoals Instagram zie je steeds vaker 'intersectional feminism' (=intersectioneel feminisme) voorbijkomen, om meer aandacht te besteden aan de onderlinge verschillen tussen feministen. Niet alle vrouwen strijden namelijk voor dezelfde rechten; witte Nederlandse vrouwen kunnen namelijk een ander doel nastreven dan zwarte Nederlandse vrouwen (als witte vrouw heb je bijvoorbeeld meer privileges dan als zwarte vrouw), en ook vrouwen in het Midden-Oosten strijden voor compleet andere rechten dan Nederlandse vrouwen. Door meer bewustwording van de diversiteit onder feministen, wordt het geheel een stuk inclusiever. 

Het is dus lastig om ervan uit te gaan dat er een 'global sisterhood' is, omdat alle vrouwen een hele andere ervaring hebben en streven naar andere doelen. Hoewel het idee van een zusterschap kan zorgen voor samenhorigheid, solidariteit en verbondenheid, kan het ook leiden tot uitsluiting van bepaalde groeperingen die niet binnen deze categorie passen. Maar zoals bell hooks ook zegt: "women do not need to eradicate difference to feel solidarity. [...] We can be sisters united by shared interests and beliefs, united in our appreciation for diversity, united in our struggle to end sexist oppression, united in political solidarity" (p. 138). 

Bronnen
hooks, b. (1986). Sisterhood: Political Solidarity between Women. Feminist Review (23), 125-138.
Payne, J. G. (2012). The logics of Sisterhood: Intra-feminist debates in Swedish feminist zines. European Journal of Women's Studies, 19(2), 187-202. doi: 10.1177/3150506811434871.

Geen opmerkingen